Ga door naar hoofdcontent
ArtikelenIedereen ziet de meerwaarde in van een Persoonlijke Gezondheidsomgeving

Iedereen ziet de meerwaarde in van een Persoonlijke Gezondheidsomgeving

Woensdag 25 mei 2022

Cliënten empoweren, zorgverleners ontlasten en de druk op de zorg(kosten) verlagen. Ziedaar de doelen van de digitalisering in de zorg. De regeling VIPP 5 stimuleert deze ontwikkeling. Dit programma draait om de uitwisseling van medische gegevens tussen zorginstellingen én de uitwisseling met patiënten via een Persoonlijke Gezondheidsomgeving, oftewel PGO. Wat zijn de verwachtingen? 

‘Vertel eens, hoe gaat het met u? Hoe ziet het leven eruit? Hoe gaat het met pijn, moeheid, bewegen, spierspanning, slapen, eten, verplaatsen, verzorgen, werk en sociaal leven? Zijn uw woning en hulpmiddelen nog naar wens?’ Dit vragenvuur is momenteel onderdeel van menig consultgesprek in de medisch specialistische zorg. Regelmatig moet er ook nog informatie opgevraagd worden bij het ziekenhuis. Of zelfs bij meerdere ziekenhuizen: sommige revalidanten zijn bij meerdere instellingen onder behandeling (geweest). De informatie is hierdoor versnipperd en behoeft vaak nog het nodige copy-paste werk om te verwerken. Tot slot moet dit allemaal in het elektronisch patiëntendossier worden vastgelegd. Een tijdrovend proces, beseft Wouter Bos, reumatoloog en Chief Medical Information Officer bij Reade, een expertisecentrum voor revalidatie en reumatologie voor Amsterdam en omgeving. ‘Bovendien gaat een typende dokter achter zijn computer ten koste van een goed gesprek met de cliënt. Niet bepaald bevorderlijk voor het samen begrijpen en beslissen.’

De toekomst

In zijn functie als CMIO draagt Bos zorg voor de inbedding van digitale technologie in de zorg. Er wordt in het zorgdomein al geruime tijd gewerkt aan digitalisering. De Persoonlijke Gezondheidsomgeving (PGO) betekent een flinke stap voorwaarts voor de digitale zorg, vindt Bos. ‘Wat nou als alle relevante informatie reeds voorafgaand aan het spreekuur beschikbaar is, direct toegankelijk voor de betrokkenen? Als cliënten middels patiëntgerapporteerde uitkomsten zelf hun ziekte monitoren? Als smart wearables inzage geven in hoe het met bewegen, slapen, bloeddruk en hartslag gegaan is? Als cliënten op elk gewenst moment hun lab- en röntgenuitslagen in hun eigen, digitale omgeving kunnen inzien, waar ook informatie van andere behandelaars samenkomt en zij zelf data kunnen toevoegen?’

‘Dat is waar we naartoe werken en de komend tijd ligt de nadruk op de PGO’, voegt Joris van der Poel toe. Hij werkt eveneens bij Reade en is projectleider VIPP 5 (de regeling die het uitwisselen van medische gegevens tussen instellingen onderling via een PGO ondersteunt). ‘Een PGO is een app of een website waar cliënten een kopie van hun medische gegevens (Basisgegevens Zorg – BgZ) kunnen bekijken, gegevens van alle zorginstellingen waar zij mee te maken hebben op één plek bij elkaar.’

Fitbit

Dat overzicht ontbreekt nu’, legt Bos uit. ‘Een PGO maakt het mogelijk dat de cliënt veel informatie die de zorgverlener elke keer weer vraagt, vooraf al kan delen. Ook heeft de cliënt de mogelijkheid de medische gegevens van alle zorginstellingen aan te vullen met eigen gegevens, bijvoorbeeld via externe leefstijl-apps die van alles kunnen bijhouden. Denk aan voeding, bewegen en rust. Zo kun je aan verschillende PGO’s een stappenteller of een Fitbit koppelen.’ 

Persoonlijk

Bos vervolgt: ‘Niet meer one size fits all, maar personalized medicine met de cliënt als manager van zijn eigen gezondheid. Met inzicht in en regie over de eigen gezondheid. Cliënten komen dan goed geïnformeerd en alleen wanneer het nodig is op het spreekuur. Voor een gesprek over relevante uitkomstmaten voor de cliënt in plaats van de tijd te besteden aan het verkrijgen van deze gegevens.’

Veilig

Momenteel wordt nog hard gewerkt om alles technisch op orde te krijgen, waarbij privacy uiteraard de hoogste prioriteit heeft. Daarnaast krijgen natuurlijk zaken als gebruikersgemak, toegankelijkheid en functionaliteiten voor specifieke zorgpaden aandacht. ‘Er komt veel bij kijken en er zijn diverse partijen bij betrokken’, weet Van der Poel. ‘We hebben goed contact met het ministerie VWS, de Nederlandse Vereniging Ziekenhuizen (NVZ), de Patiëntenfederatie en voor onze regio ook samenwerkingsverband Sigra. Samen stemmen we zaken af, zodat we – op het opportune moment – de cliënt goed kunnen informeren en ondersteunen. Tegen die tijd moet iedereen een PGO weten te vinden en ook willen vinden. Het is nog een stip aan de horizon, maar alle betrokkenen zien absoluut de meerwaarde.’

Cultuuromslag

Het idee is dat het project voor een groot deel voor de zomer 2023 al operationeel is. ‘Dat geldt voor het volledige VIPP5-programma’, legt Van der Poel uit. ‘Dus zowel de uitwisseling van de medische informatie tussen zorginstellingen, als de uitwisseling met de PGO van de cliënt.’ Bos vult aan: ‘Dit gaat absoluut bijdragen aan een cultuuromslag waarbij digitale zorg het nieuwe normaal wordt. Gezien de winst die dit op vele fronten oplevert, is dat een geweldig vooruitzicht.’

Auteurs

Afbeelding voor Olaf van Tilburg

Olaf van Tilburg

Reacties

    Plaats een reactie

    Schrijf je in!

    Ontvang de RM nieuwsbrief en blijf op de hoogte van de ontwikkelingen over revalidatiemethoden, onderzoek, innovatie en ervaringen van patiënten en zorgverleners.

    Gesponsorde berichten