Ga door naar hoofdcontent
ArtikelenGeld voor de toekomst

Geld voor de toekomst

Maandag 1 juni 2015Afbeelding Geld voor de toekomst

Om zorginstellingen beter voor te bereiden op de toekomst, geeft het ministerie van VWS vier jaar lang subsidie. Het geld is bedoeld om het personeel beter te scholen en zo de kwaliteit van zorg te verbeteren. Ook revalidatiecentra konden een aanvraag indienen.

De subsidieregeling heet Kwaliteitsimpuls Personeel Ziekenhuiszorg en loopt van 2014 tot 2017. Het ministerie vond de regeling noodzakelijk omdat de patiëntenzorg door toenemende vergrijzing en technologie steeds complexer wordt. Medewerkers kunnen door scholing beter worden toegerust om die complexe zorg te bieden.

Vorig jaar bedroeg het totale subsidiebudget 47 miljoen euro, een bedrag dat werd uitgekeerd aan 180 instellingen. Dit jaar werd het budget verhoogd naar 135 miljoen en voor de umc’s werd daar nog eens 37 miljoen aan toegevoegd. De subsidie gaat naar instellingen die medisch-specialistische zorg leveren op basis van de Zorgverzekeringswet, zoals dus revalidatiecentra en ziekenhuizen, maar bijvoorbeeld ook dialyse- en epilepsiecentra. Voor toekenning heeft het ministerie gevraagd om een strategisch opleidingsplan, maar instellingen mogen zelf bepalen op welke manier het geld wordt ingezet. Volgens opgave van het ministerie maken elf revalidatiecentra gebruik van de regeling; dat is iets minder dan de helft. In hoeverre revalidatieafdelingen van ziekenhuizen van de subsidie profiteren is niet bekend.

Sneller kennis aanvullen

Roessingh Centrum voor Revalidatie is een van de centra die de subsidie heeft aangevraagd en ook heeft gekregen. Voor 2014 werd door het ministerie ongeveer 100.000 euro toegekend, en voor dit jaar ongeveer 300.000 euro. ‘Binnen ons centrum was al aandacht voor het beter ondersteunen van onze medewerkers in hun professionele ontwikkeling, en de kwaliteitsimpuls sloot daar goed bij aan’, zegt opleidingsadviseur Judith Klerks. Zij kreeg die rol in 2013, een jaar nadat Roessingh een nieuw opleidingsbeleid opzette vanuit de gedachte dat de revalidatiezorg een relatief klein maar zeer specialistisch vakgebied is. Klerks: ‘Dit betekent dat onze hbo- of wetenschappelijk geschoolde professionals na hun opleiding aanvullende kennis en vaardigheden nodig hebben om effectief en op het gewenste niveau binnen de revalidatie te kunnen opereren. De kwaliteitsimpuls stelt ons in staat de benodigde kennis en vaardigheden sneller aan te vullen dan met alleen de eigen middelen.’ De medewerkers, zegt de opleidingsadviseur, zullen merken dat door de subsidie meer deskundigheidsbevordering mogelijk is en dat er tevens betere regie wordt gevoerd op benodigde en aanwezige kennis en vaardigheden.

Eigen deskundigheid gebruiken

Een belangrijke verbetering die al is doorgevoerd, is dat beter gebruik wordt gemaakt van de deskundigheid in eigen huis. ‘Degenen die aanvullende kennis nodig hebben weten nog niet altijd waar die te vinden is. En zoeken dan externe scholing.’ Door meer gebruik te maken van de al aanwezige kennis worden er nu méér mensen opgeleid met hetzelfde budget. Als voorbeeld noemt Judith Klerks de behoefte van paramedici aan motiverende gesprekstechnieken. Het gaat dan bijvoorbeeld om fysiotherapeuten en ergotherapeuten die meer handvatten wilden hebben om met patiënten te werken die weinig intrinsieke motivatie laten zien. ‘De interne expertise werd aangesproken, iets wat in de afgelopen jaren niet veel gebeurde. In plaats van een klein aantal mensen naar een externe cursus te sturen, heeft onze vakgroep maatschappelijk werk hierover een basiscursus verzorgd. Motiverende gesprekstechniek hoort voor deze vakgroep namelijk tot de vakinhoudelijke kennis. De cursus omvatte een uiteenzetting van de theoretische achtergrond en vervolgens een aantal oefensessies.’ Bijkomend voordeel van deze aanpak was een goede borging van de materie. ‘Tijdens de training werd aangegeven dat men

met vragen terecht kon bij eigen collega’s, namelijk de maatschappelijk werkenden die de cursus gaven, en daardoor werden kennis en vaardigheden automatisch steviger geborgd in de multidisciplinaire teams.’

Feedback en ziekteverzuim

Ook het Rijnlands Revalidatie Centrum werkte al aan een nieuw strategisch opleidingsbeleid toen de kans op subsidie voorbij kwam. P&O-adviseur Harriët van der Meer vertelt dat er niet veel aanpassingen nodig waren om de subsidieaanvraag te doen. Haar centrum kreeg vorig jaar 75.000 euro van het ministerie, en ruim 200.000 euro over 2015, 2016 en 2017. ‘We investeren het geld in opleidingen die de strategische doelen van de organisatie ondersteunen.’ Een van die doelen is het werken volgens evidence-based practice (EBP). ‘EBP gebruiken we als middel om excellente zorg te verlenen. EBP werken betekent dat de wetenschappelijke literatuur het kader is van de behandelingen die je geeft, waarbij je de wensen van de patiënt en je eigen expertise als behandelaar meeneemt in de keuze voor het behandelbeleid. Om bij alle behandelaren het evidence based werken te stimuleren, zijn onder meer aandachtfunctionarissen opgeleid. Deze medewerkers ondersteunen het behandelteam bij het werken volgens de principes van EBP.’ 

Medewerkers oefenen sinds vorig jaar ook met het geven en ontvangen van feedback. Dit sluit aan bij het geformuleerde gewenste gedrag van RRC-medewerkers. De trainingen worden gegeven door eigen medewerkers, die hiervoor zijn opgeleid. Door de subsidie kon verder onder meer een gedragsmatige aanpak van verzuim worden ingevoerd. ‘Alle leidinggevenden zijn getraind in het toepassen van deze aanpak. Door in gesprek te gaan met de medewerker die zich ziek meldt, feedback te geven en afspraken te maken. De evaluatie van de trainingen was positief.’ Uit de reacties van de deelnemers blijkt dat de nieuwe trainingen goed vallen binnen de teams. De vervolgsubsidie wordt gestoken in voortgang van de lopende projecten, met veel aandacht voor de evidence-based practice. ‘En 2015 staat bij ons in het teken van het R-EPD. De medewerkers krijgen opleidingen in het kader van het nieuwe elektronische patiëntendossier. Ook hiervoor zijn interne trainers geworven en opgeleid.’

Versterken

ViaReva had eveneens al een opleidingsplan, los van de kwaliteitsimpuls. En ook hier kunnen door de subsidie – in 2014 ruim 46.000 euro, in 2015 ruim 129.000 euro – strategische doelen sneller worden bereikt. Communicatiemedewerker Karin van Norel wijst op de vijf hoofdthema’s die de organisatie vaststelde: borgen van kennis en formatie en verbreding en overdracht van kennis, klant- en resultaatgericht werken, efficiëntie binnen het bedrijf, cultuuromslag en leiderschap, en veilig en gezond werken. ‘ViaReva wil dat het leerbeleid integraal onderdeel gaat uitmaken van het organisatiebeleid. Dat leren gaat van een individueel proces naar een collectief proces. Leidinggevenden stimuleren werknemers om zelf te bepalen hoe zij dit resultaat willen behalen, binnen de beschikbare mogelijkheden en middelen. Hierbij maken we gebruik van formeel opleiden met cursussen en trainingen, en ook van andere vormen van opleiden, door kennisoverdracht, werkplekleren, coaching, inter- en supervisie, feedback vragen en geven, enzovoorts. Deze leervormen zullen we met het subsidiegeld verder ontwikkelen.’ Alledrie de organisaties zien de steun van het ministerie als een prachtige kans om de medewerkers en dus de organisatie te versterken. ‘Revalidatiecentra draaien op specialistische kennis en vaardigheden. Daarin investeren is een manier om goed voorbereid de toekomst in te gaan.’

Auteurs

Afbeelding voor Alice Broeksma

Alice Broeksma

Reacties

    Plaats een reactie

    Schrijf je in!

    Ontvang de RM nieuwsbrief en blijf op de hoogte van de ontwikkelingen over revalidatiemethoden, onderzoek, innovatie en ervaringen van patiënten en zorgverleners.

    Gesponsorde berichten