Lente 2019. Het stoplicht springt op groen. Ik fiets weg, bijna net zo snel als de scooter naast me. Als onbezorgde student ben ik onderweg naar mijn college op de universiteit.

Zomer 2019. In een rolstoel wacht ik voor het stoplicht. Oog in oog met een angstaanjagend grote hond en met uitlaatgassen in mijn gezicht, totdat ik naar de overkant geduwd kan worden. Ik ben even een kwartier buiten geweest, als pauze tijdens het revalideren. Toen ik in een rolstoel belandde, wilde ik daar heel graag weer uit. Zo snel mogelijk. Een rolstoel wekt bij de buitenwereld vaak de indruk dat je getransformeerd bent in een totaal ander persoon. De Anne in een rolstoel wordt niet hetzelfde behandeld en gezien als de Anne die loopt. Fysieke beperkingen lijken voor sommige buitenstaanders hand in hand te gaan met mentale beperkingen. Terwijl: ik zat in een rolstoel, maar denken en praten deed ik nog precies hetzelfde als toen ik liep.

Moet je je voorstellen: iedere keer als je gaat zitten op je bureaustoel met wieltjes, gaan mensen heel zacht en laaaang-zaahaam praten, alsof je niet een volwaardig persoon bent. Als er iemand naast je staat, wordt diegene aangesproken en jij niet, krijgt diegene de brieven en informatie over jou, want jij zal die wel niet kunnen ontvangen en begrijpen. Er wordt liever óver Anne gepraat, dan mét Anne. Dat is toch vreselijk? Heb je al de pech dat het fysiek gezien niet allemaal gaat zoals het hoort, wordt er ook nog voor je ingevuld dat het cognitief dan vast ook niet goed zit. 'Heeft zij ook een hersenschudding gehad?’, werd er bijvoorbeeld gevraagd aan mijn bezoek. Nee mevrouw, ik heb een bloedend caverneus hemangioom gehad. Wás het maar een hersenschudding.

En ja hoor, daar komt weer iemand aan die het niet helemaal begrijpt: 'Nee, mijn hond is echt niet eng hoor, hij bijt niet.’ Fijn dat u er niet bang voor bent, maar ik ben dat wel. En ik loop of rij er niet even snel van weg. Vluchten kan ik niet. Vriendelijk verzoek aan iedereen: hou niet alleen jezelf maar ook je hond op anderhalve meter afstand van anderen. En ook belangrijk: hoed je voor conclusies over anderen, enkel gebaseerd op wat je van buiten ziet.