Hoogleraar Annemieke Buizer wil kinderrevalidatie volwassener maken

Als het aan Annemieke Buizer ligt, is ze niet lang meer de enige hoogleraar Kinderrevalidatiegeneeskunde in Nederland. Met verdere onderzoekssamenwerking wil ze haar vakgebied versterken. ‘Goede kinderrevalidatie betaalt zich terug op volwassen leeftijd.’

‘Het is ongelooflijk wat jonge kinderen in korte tijd kunnen leren.’ Nog altijd wordt kinderrevalidatiearts, onderzoeker en kersvers hoogleraar Annemieke Buizer (Amsterdam UMC) verrast. Zelf is ze gespecialiseerd in behandeling van kinderen met cerebrale parese (CP). Heel bewust combineert ze het hoogleraarschap met patiëntenzorg, omdat ze juist in de praktijk ziet wat het effect is van behandelingen en van onderzoek daarnaar. ‘Ook kinderen met een beschadigd brein kun je heel jong de juiste behandeling geven. Zo is er nu de baby-CIMT-behandeling (Constrained Induced Movement Therapy) voor pasgeborenen bij wie één armpje niet goed meedoet door een hersenbeschadiging. Vanaf de leeftijd van een half jaar stimuleren behandelaars en ouders met CIMT spelenderwijs de aangedane hand van baby’s. Uit onderzoek blijkt dit heel goede effecten te hebben.’ Taalontwikkeling is ook zo’n onderzoeksthema. ‘Hoe ontwikkelt taalbegrip zich bij kinderen met een hersenbeschadiging? Je kunt je voorstellen dat wanneer een kind door een motorisch probleem niet goed kan spreken, er minder verbale interactie is. Terwijl dat niets hoeft te zeggen over de cognitieve mogelijkheden om taal te gebruiken. Als een groter wordend kind dan niet terugpraat, zijn ouders wellicht geneigd minder met hun kind te communiceren. Daardoor ontwikkelt een kind zijn of haar taalvaardigheden misschien minder dan mogelijk is. Als behandelaar kun je ouders daarbij ondersteunen.’

Jong vak
Buizer is de enige hoogleraar Kinderrevalidatie in Nederland. Een slechte zaak, vindt ze, maar met een oorzaak. ‘De kinderrevalidatie is wereldwijd een heel jong vak. In de jaren veertig en vijftig stonden gehandicapte kinderen buiten de maatschappij. Terwijl volwassenrevalidatie na de oorlog door alle slachtoffers al een vlucht nam. Maar als ik zie hoe wij ons wetenschappelijk ontwikkelen, welke vragen er allemaal zijn en wat we kunnen betekenen voor deze patiëntengroep, dan zou het op zijn plaats zijn dat ik in de komende vijf á tien jaar meerdere collega’s krijg in het land.’

Klimrek
Zelf zou ze niets anders willen dan werken in de kinderrevalidatie. ‘Met de juiste aanpak is er zó veel mogelijk met kinderen met een beperking. Dat is ontzettend dankbaar. En het vak is heel breed: motoriek, communicatie, gezinnen. Omdat je met groei en ontwikkeling te maken hebt is het ook echt een vak apart. Dat maakt het erg rijk.’ Het raakt haar als ze ziet wat nieuwe behandelingen of operaties met kinderen en hun gesteldheid kunnen doen. Kinderen met spasticiteit door CP kunnen baat hebben bij een Selectieve Dorsale Rhizotomie, waarbij spasticiteit aan de benen helemaal weggenomen wordt. Uit eigen onderzoek kan Buizer zien bij welke kinderen het kan helpen. Operaties worden uitgevoerd bij kinderen vanaf vier jaar, die nog niet al te grote problemen hebben, maar deze volgens de arts in de toekomst wel kunnen krijgen. ‘Beslissen doen we altijd samen met ouders. Dan vind ik het mooi dat ik kan zeggen dat we er goed onderzoek naar hebben gedaan.’ Vorig jaar nog kreeg een vierjarig meisje zo’n operatie. ‘Nadat ze een jaar lang had getraind, zag ik haar terug. Het was ongekend hoe veel meer ze kon. Ze liep beter, kan zelf naar buiten en klimt op een klimrek. En omdat haar benen zo veel soepeler zijn, kan ze zichzelf nu aanen uitkleden. Ze kon zo veel dingen meer en met zo veel meer gemak. Als je dan ouders ziet stralen over dat resultaat, dan ben ik zelf heel blij dat we de operatie hebben aangedurfd. Zonder goed onderzoek was dat niet gelukt.’

Onderzoeken duren lang en lopen voortdurend. Af en toe komt er een eureka-moment. Zo bleek onlangs dat kinderen met een geïmplanteerde medicijnpomp met spierontspanner gemakkelijker hun zelf gewenste taken konden uitvoeren dan kinderen zonder pomp. ‘Goed onderzoek naar nieuwe behandelingen vind ik mijn plicht.’ Als hoogleraar kan ze een boegbeeld zijn van onderzoek naar kinderrevalidatie. Buizer is blij dat er in revalidatiecentra en ziekenhuizen in Nederland al heel veel onderzoek naar kinderrevalidatie wordt gedaan. Buizer wil de samenwerking tussen centra stimuleren. ‘Ik wil toe naar een netwerk waarin iedereen van elkaar weet waar ze mee bezig zijn. Voor gedegen praktijkgericht onderzoek heeft iedereen elkaar nodig. Gezamenlijke projecten hebben veel meer impact, zoals het Nederlands CP Register, bedoeld om de zorg voor kinderen met CP te verbeteren.’

Dat onderzoek wil ze meer voor het voetlicht brengen, bijvoorbeeld bij geldschieters. ‘Veel fondsen kijken nog vooral naar korte-termijneffecten van onderzoek. Voor kinderrevalidatie geldt dat het lang duurt voor je de effecten van interventies ziet.’ Meer samenwerking, meer bekendheid en meer informatie moeten leiden tot meer onderzoek en een krachtigere kinderrevalidatie. ‘Qua onderzoekscapaciteit zijn we nog het kleine broertje van de volwassenenrevalidatie. Ten onrechte. Kinderen die we behandelen, hebben vaak blijvende beperkingen die hun hele ontwikkeling invloed hebben. Goede, sterke kinderrevalidatie is van belang voor iemands verdere leven. Als volwassene moet je zo goed mogelijk mee kunnen doen in de maatschappij. Daar moeten we al in de prille levensjaren voor zorgen.’