Richtlijn slaapapneu

Revalideren is hard werken en daar moet je fit voor zijn. Maar mensen die kampen met slaapapneu zijn niet fit. Hun ademhaling stokt regelmatig tijdens de slaap en daardoor rusten ze niet goed uit. Slaapapneu heeft een negatief effect op de revalidatie en kan zelfs gevaarlijk zijn. Alle reden om er iets aan te doen.

Sinds vijf jaar is bij Heliomare Revalidatie een respicare-team actief. Dit team, bestaande uit revalidatieartsen en gespecialiseerde verpleegkundigen, houdt zich bezig met het slaapapneusyndroom (SAS) bij onder meer CVA-patiënten. SAS wordt gekenmerkt door korte ademstilstanden tijdens de slaap, die minstens vijf keer per uur optreden. Het kan leiden tot vermoeidheid, aandachts- en geheugenproblemen en depressie. Daarnaast hebben mensen met SAS een verhoogd risico op hart- en vaatziekten en een herhaald CVA.

Bij CVA-patiënten komt SAS ook vaker voor dan gemiddeld. Cognitieve stoornissen ten gevolge van het CVA kunnen door SAS verergeren. Doorgaans wordt SAS behandeld met behulp van CPAP (continuous positive airway pressure). Mensen dragen dan een masker dat luchtdruk geeft, zodat de luchtwegen ‘s nachts open worden gehouden. Veelal voelen zij zich hierdoor overdag een stuk fitter.

Screening

Ondanks het verhoogde risico op SAS bij CVA-patiënten en de negatieve gevolgen daarvan, wordt er in de Nederlandse revalidatiecentra nog niet standaard op SAS gescreend. Bij Heliomare Revalidatie gebeurt dat wel. Samen met alle CVA-patiënten wordt een screeningsvragenlijst ingevuld, die is gebaseerd op de CBO-richtlijn voor diagnostiek en behandeling van SAS. De vragenlijst inventariseert de klachten die mensen zelf rapporteren.
Met subsidie van ZonMw is in het innovatieproject Slaapapneusyndroom bij CVA-patiënten onderzocht of de vragenlijst bij deze patiëntengroep inderdaad SAS aan het licht brengt. De uitkomst is dat dit lang niet altijd het geval is.

Mogelijk komt dit mede doordat CVA-patiënten door hun hersenletsel vaak minder inzicht hebben in hun eigen functioneren en de beperkingen hierin. Daarnaast komt vermoeidheid veel voor na een CVA, wat het onderscheiden van patiënten met en zonder SAS bemoeilijkt. De vragenlijst is nog steeds zinvol om mensen beter te kunnen begeleiden, maar objectieve nachtelijke zuurstofmeting is nodig om te weten of er indicatie is voor vervolgslaaponderzoek.

Richtlijn

Als onderdeel van het innovatieproject is ook een richtlijn opgesteld voor de organisatie van screening, onderzoek en behandeling van SAS bij mensen die revalideren na een CVA. De richtlijn beschrijft vijf fasen: de aanmeldingsfase; de screeningsfase; de onderzoeksfase, waarin wordt vastgesteld of er inderdaad sprake is van SAS; de behandelfase; de nazorgfase. Het respicare-team van Heliomare Revalidatie verzorgt al deze fasen, maar dat hoeft niet: revalidatiecentra kunnen ook alleen de eerste fasen doen en voor volgende fasen doorverwijzen. Dat doet sinds kort revalidatiecentrum De Trappenberg (onderdeel van Merem Behandelcentra), waar nu standaard wordt gescreend op SAS bij CVA-patiënten en nachtelijke zuurstofmeting wordt gedaan. Voor vervolgonderzoek en behandeling wordt verwezen naar de slaappoli van Tergooiziekenhuizen.

Ook bij revalidanten met andere diagnoses komt SAS vaker voor dan gemiddeld. Daarom wordt er bij Heliomare Revalidatie eveneens gescreend bij onder andere mensen met een dwarslaesie, multiple sclerose en het Guillain-Barré Syndroom. De richtlijn is ook geschikt voor toepassing bij deze diagnosegroepen. Door op zijn minst te screenen op SAS, kunnen revalidatiecentra de kwaliteit van leven van revalidanten verbeteren, én de kwaliteit van de revalidatie.

Irene Kos, nurse practitioner Heliomare Revalidatie

De ‘Richtlijn voor de organisatie van screening, onderzoek en behandeling van SAS bij CVA-patiënten in de revalidatie’ kan worden gedownload van www.heliomare.nl/SAS. Contact: respicare@heliomare.nl.