Column Anne Visser-Meily

Het moet voor eens en altijd duidelijk zijn: dé revalidatiefase bestaat niet. Dat geldt zeker ook voor de patiëntengroep waar ik me veel mee bezighoud: mensen met hersenletsel. Onlangs werd een 54-jarige patiënte een half jaar na een val van de fiets naar mijn poli verwezen, met de vraag of revalidatie nog wel zinvol was. De eerste tijd had in het teken gestaan van breuken die moesten helen; nu ze haar dagelijks leven weer wilde oppakken ondervond ze steeds meer cognitieve klachten. De vraag ‘nog zinvol?’ in combinatie met het woord ‘revalidatie’ hoor ik helaas vaker.

We weten dat er na een beroerte vooral de eerste twaalf weken herstel is. Dan is dat toch dé revalidatiefase, hoor ik u denken. Deze periode is inderdaad heel belangrijk om te herstellen in kracht en balans. Maar revalidatieteams richten zich op veel meer dan dat. Revalidatie is óók herleren en aanpassen, en dat kan op ieder moment in het leven nodig blijken. Bijvoorbeeld om activiteiten te herwinnen – verder lopen, veilig fietsen – of om mee te kunnen blijven doen op het werk.

Een jonge moeder werd achttien jaar na een grote hersenoperatie met bestraling verwezen. Ze wist dat ze matig functioneerde, maar had nooit willen toegeven dat er met haar ‘iets’ aan de hand zou zijn. Ze was er nu aan toe om te benoemen dat er wel ‘iets’ was, en dat dat ‘iets hersenletsel was. Wat was ze blij met de tips en de uitleg. Een man van veertig meldde zich meer dan een jaar na zijn val van het dak. Hem had ik al twee keer eerder gezien op verzoek van zijn vrouw. Zij vond hem veranderd, maar hij dacht geen begeleiding nodig te hebben. Nu meldde hij zich dan toch met ernstige vermoeidheid en prikkelbaarheid. Sommigen moeten eerst vastlopen voordat ze hulp accepteren.

Iedere patiënt is uniek, en heeft zijn eigen revalidatiedoelen en tijdspad. Het is aan ons hulpverleners om altijd de deur open te houden en klachten te herkennen; het is aan zorgverzekeraars en revalidatie-instellingen om voldoende budget vrij te maken voor poliklinische zorg. En laten we vooral de term ‘revalidatiefase’ verbannen uit ons zorg-vocabulaire!

Anne Visser-Meily, hoogleraar en revalidatiearts UMC Utrecht