NS en ProRail maken de stations en treinen toegankelijker voor mensen met een beperking. Dwarslaesiepatiënt David Snijders, die regelmatig per trein reist, heeft wisselende ervaringen. ‘Op veel stations kun je niet met een rolstoel komen en regelmatig ontbreekt het aan assistentie. Maar de nieuwe Flirttrein is een geweldige aanwinst.’

Vandaag reizen we samen om te kijken hoe reizen per trein met een rolstoel verloopt. Vertrekpunt is station Nijmegen, waar David Snijders (31) in de hal in zijn rolstoel en gekleed in legertenue al wacht. Hij laat zijn mobiel zien. Daarop staat 7,8 kilometer. ‘Die afstand heb ik vanmorgen met de rolstoel gereden over de dijk naar het centrum van de stad. Ik woon in het dorpje Ooij, vlakbij de Waal. Dit is meteen een goede training voor mij, want ik wil deze zomer meedoen aan de Nijmeegse Vierdaagse. Die heb ik al acht keer, meestal als militair, meegelopen. Nu dus voor het eerst met rolstoel. Binnenkort krijg ik een handbike, waarmee het een stuk makkelijker zal gaan.’

Mobiele brug

Snijders heeft gisteravond via de NS Extra-app assistentie aangevraagd voor de treinreis naar Den Bosch. Via een toegangspoortje checkt hij in en rijdt hij naar de lift. Beneden aangekomen rolt hij naar de volgende lift om uiteindelijk op perron 3b uit te komen. Daar wacht servicemedewerkster Laura Hendriksen van de NS hem met de mobiele brug op. Nadat zij deze op de juiste plek heeft gesitueerd, neemt Snijders een aanloop en scheurt hij via de helling de intercity binnen. ‘Dit lukt alleen als het perron breed genoeg is. Als ik geen aanloop kan nemen, moet een assistent mij de brug opduwen.’ Hij neemt plaats op het balkon, dat is afgezonderd van de medereizigers in de treincoupé. Nog geen half uur later arriveren we op de plaats van bestemming, waar NS-reis-assistent Jarno Nederkoorn klaarstaat met de mobiele brug. Via de app heeft hij van zijn collega Hendriksen doorgekregen dat Snijders op dit moment arriveert en hulp nodig heeft.

Voordat we terugreizen naar Nijmegen drinken we koffie in een café op het stationsplein, waar Hesther Platenkamp aanschuift. Zij is projectmanager van het programma Toegankelijkheid van de NS. Op de vraag aan Snijders waardoor hij in een rolstoel is beland, stelt hij een wedervraag. ‘Heb je even?’ Dan komt er een opsomming van ellendige voorvallen. ‘Tijdens mijn uitzending als militair in Afghanistan zijn we met ons voertuig op een IED – een wegbom – gereden. Ik raakte ernstig gewond. Hoewel mijn rug verzwakt was, ben ik later toch gaan ijshockeyen. Door een forse aanvaring met een tegenstander kreeg mijn rug nog eens een extra knauw. De doodsklap was in 2014, toen een wandelmaatje op mijn rug sprong. Artsen negeerden de zwelling in mijn rug, waardoor zenuwen te lang geen zuurstof kregen. Naast de dwarslaesie ben ik ook slechthorend en slechtziend.’

Niet altijd soepel

Snijders reist regelmatig per trein naar familie, vrienden en ijshockeyclub Amsterdam Tigers, waar hij hand-en-spandiensten verricht. Hij vertelt dat het treinreizen niet altijd even soepel verloopt. ‘Veel stations zijn niet rolstoeltoegankelijk. Er is ook niet overal assistentie, wat vooral geldt voor de provincies Noord-Holland en Utrecht. En het komt voor dat de NS-centrale zonder overleg de reis wijzigt, wat vervelende gevolgen kan hebben voor eventuele afspraken die je hebt gemaakt. De reden van vertraging krijg je meestal niet te horen. Ook maak ik regelmatig mee dat de communicatie tussen de assistent en de trein niet goed verloopt, waardoor de conducteur de deuren al sluit en wilt vertrekken voor je erin zit.’

Dat het treinreizen voor mensen met een beperking – slecht ter been, slechtziend of slechthorend – niet altijd vlot verloopt, weet ook Platenkamp. Maar om hen op een gelijkwaardige manier te laten reizen, zelfstandig en met hulp waar nodig, doen de NS en ProRail er volgens haar alles aan de toegankelijkheid van stations en treinen te verbeteren. In 2015 zijn afspraken gemaakt met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. ProRail neemt de stations en perrons onder handen, zoals hellingbanen, liften en juiste perronhoogtes; de NS de informatievoorziening, reisassistentie en het rijdend materieel. Platenkamp: ‘Zo hebben we sinds vorig jaar een nieuw boekingssysteem. De betrokkenen kunnen hun reis, inclusief gewenste assistentie, óf telefonisch via de klantenservice, óf via onze website óf met een app boeken. Als NS zijn we verantwoordelijk voor 246 stations. Op ruim de helft daarvan bieden we assistentieverlening aan. Onze ambitie is om vóór 2024 overal die hulpverlening te organiseren. Op het nachtnet gaan we dat zelfs 24/7 doen.’

Schuiftrede

Daarnaast houdt de NS bij alle revisies van treinen en de bouw van nieuwe voertuigen rekening met de toegankelijkheid. Bij het ontwerp worden diverse belangenorganisaties betrokken. Platenkamp: ‘Het uiteindelijke doel is dat de mensen zo zelfstandig mogelijk kunnen reizen en geen assistentie meer nodig hebben. De nieuwe Flirt die al rijdt en de nieuwe Intercity’s die binnenkort komen, zijn daar mooie voorbeelden van.’ Het is ook de Flirt-Sprinter die ons vandaag terugbrengt naar Nijmegen. Meteen is duidelijk wat Platenkamp bedoelt. Snijders hoeft voor deze reis geen assistentie aan te vragen. Wanneer hij de knop indrukt bij de ingang met rolstoel-icoon, gaan niet alleen de deuren open maar schuift er ook een trede automatisch uit het treinstel, aansluitend op en ter hoogte van het perron. Zonder hulp rolt hij naar binnen, waarna hij zijn rolstoel op een vrijstaande plek tussen de medepassagiers parkeert. Vlakbij blijkt een ruim rolstoeltoegankelijk toilet te zijn. ‘Dit is perfect. Gewoon tussen de mensen meereizen zonder hulp van anderen.’