Niet genoeg bewegen is al een probleem voor een mens zonder handicaps. Het vergroot de kans op overgewicht, hoge bloeddruk, hart- en vaatziekten en diabetes. Leef dus actief en gezond, zegt de Gezondheidsraad. Maar hoe doe je dat als bewegen niet vanzelfsprekend is? Revalidatiecentra hebben daar behandelmodules voor met intensieve coaching.

De behandelmodule ‘Gezonde leefstijl’ moet patiënten helpen zélf gezonder en actiever te gaan leven. Een blijvende gedragsverandering die past bij hun aandoening. De module bestaat uit vijf onderdelen: coaching, fitheidstraining, sportadvies, voedingsadvies van een diëtist, en monitoring. De behandelmodule is uniek binnen de revalidatiebranche en voorlopig bedoeld voor patiënten met een dwarslaesie of hersenletsel, en andere mensen in een rolstoel.

ReSpAct

Tegelijk met de implementatie van Revalidatie, Sport en Bewegen is het wetenschappelijk onderzoek ReSpAct gestart (2012- 2015) door onderzoekers van het Universitair Medisch Centrum Groningen. Dit onderzoek bevestigt de positieve resultaten van het Revalidatie, Sport en Bewegen-programma. De aanpak leidt onder meer tot een verbeterde conditie van de revalidanten en afname van de directe kosten in de zorg. In vervolgonderzoek later dit jaar wordt gekeken naar de langetermijneffecten van Revalidatie, Sport en Bewegen, en de effecten op de indirecte zorgkosten.

 

 

 

 

Afvallen
Revalidant Jan Dons (72) volgde de module in de pilotfase. Hij heeft hereditaire spastische paraparese. De stijfheid van zijn benen maakte lopen al moeilijk, maar door beschadiging van zijn ruggenmerg werd een rolstoel in 2003 onvermijdelijk. Een paar jaar geleden kwamen daar ernstige schouderklachten bij die een actieve leefstijl bijna onmogelijk maakten. Jan was ook zwaarder geworden. ‘Er moest iets gebeuren. Ik kon meedoen aan de pilot ‘Gezonde leefstijl’ onder begeleiding van een ergotherapeut, een diëtiste, een fysiotherapeut en een bewegingsdeskundige. Eerst pakten we het verstevigen aan van mijn schouderspieren en pezen, zodat ik weer kon bewegen. En ik wilde afvallen.’ Dons noemt de aanpak van de diëtiste ‘mild’. ‘We hebben bijvoorbeeld een goed gesprek gehad over alcoholgebruik. Ik dronk ‘s avonds vaak een pilsje en dat werden er al snel meer. Ook schepte ik rustig nog een keer mijn bord vol. Dat is gewoonte, je denkt er niet over na. Nu bekijk ik de ingrediënten op de verpakking in de supermarkt en pas ik op met koolhydraten en eiwitten. En ’s avonds pak ik geen pilsje meer maar fruit. Ik ben al tien kilo afgevallen. Mijn vrouw is bij alle gesprekken in het revalidatiecentrum geweest, en weet ook precies waarop we moeten letten.’

Dons is positief over de behandelmodule. ‘Natuurlijk had ik dit zelf ook kunnen bereiken, maar je moet gemotiveerd zijn en het volhouden. Dat is moeilijk zonder steun. Tijdens de coachingsgesprekken denk je na over je doel en hoe je dat wilt bereiken. Ik wil nog zo lang mogelijk van het leven genieten met mijn vrouw. Daarom heb ik op mijn zeventigste nog een handbike gekocht.’ Daarop heeft hij vorig jaar al 3000 kilometer gefietst. Met mooi weer geniet hij buiten, ‘s winters traint hij binnen. Dons had onlangs nog contact met het revalidatiecentrum. ‘Mijn fysiotherapeut belde om te vragen hoe het ging. Ik ben nog steeds enthousiast over deze aanpak en zou het iedereen aanraden. Het is een positieve manier om je gedrag aan te passen.’

Internationale kruisbestuiving

Nederland is met revalidatiegeneeskunde een voorbeeld. Een team uit Japan, waar in 2020 de Paralympische Spelen worden gehouden, bezocht onlangs Klimmendaal en Rijndam om meer te leren over bewegen voor mensen met een beperking. Ons land kan weer leren van Engeland, waar veel meer onderzoek is gedaan naar de gevolgen van zittend leven. Canada, waar de revalidatietrajecten kort zijn, biedt revalidanten beweegprogramma’s in buurtcentra dicht bij huis.

 

 

 

 

Succesvol
Sporten en revalidatie zijn in Nederland al sinds eind jaren ‘90 met elkaar verbonden. Het programma Revalidatie, Sport en Bewegen, dat nu in alle revalidatiecentra wordt gebruikt, is in 2012 uitgerold. Het Sportloket is een succesvol onderdeel van dit programma en heeft raakpunten met de ‘Gezonde leefstijl’-module, die werd ontwikkeld door Revalidatiecentrum Rijndam samen met het Erasmus MC. Ook het Sportloket werkt met begeleiding, sportadvies en de grote eigen inbreng van de revalidanten.

Hans Leutscher, adviseur Revalidatie, Sport en Bewegen van het Kenniscentrum Sport, voorspelt: ‘Door het succes van het Sportloket valt verbreding te verwachten van ‘sport en bewegen’ naar ‘gezonde leefstijl’. Gezond leven is immers meer dan alleen regelmatig bewegen.’ Het is ook een van de aanbevelingen uit het ReSpAct-onderzoek (zie kader). Dit zou betekenen dat meer revalidanten advies krijgen over de belangrijke gezondheidsfactoren als voeding, roken en alcoholgebruik. Een brede aanpak is mogelijk door samenwerking met diëtisten, voedingsdeskundigen en algemene leefstijlcoaches.

‘Gedurende een verblijf in een revalidatiecentrum zijn patiënten zeker te motiveren om te bewegen. Eenmaal thuis is het moeilijk om actief te blijven. Wat niet werkt is een dokter die dwingend zegt: ‘U moet gaan zwemmen’. Want als je daar niet van houdt, begin je er al niet eens aan. Of je houdt het niet vol. Wél werkt focussen op wat iemand kan en leuk vindt, en samen bekijken hoe beweging een vast onderdeel wordt van de dagelijkse activiteiten. Opvolging met een aantal telefonische gesprekken na ontslag uit het revalidatiecentrum versterken deze aanpak.’

Beweging die bij je past
Regelmatig bewegen levert nog meer op. Wie goed in zijn vel zit krijgt meer zelfvertrouwen, wordt weerbaarder, is sociaal actief en doet minder vaak een beroep op de gezondheidszorg. Leutscher benadrukt dat bewegen op alle niveaus mogelijk is. ‘Je kunt gaan sporten, zwemmen of fitnessen. Wie dat liever niet doet, kan zich bijvoorbeeld aansluiten bij een wandelgroepje. Of loop naar de winkel voor je boodschappen, neem de trap en pak vaker de fiets naar het werk. Voor rolstoelgebruikers is sporten zeker een goede manier om te bewegen. Het Sportloket kan daarin ondersteunen om contacten te leggen met sportclubs in de omgeving. Of koppel een handbike aan en ga er lekker in je rolstoel op uit.’